artjournal · MY ART · on creativity · stories & memories

carnaval en ik

Carnaval: het kwam het zomaar tevoorschijn uit mijn ‘willekeurige’ lijnen van vandaag. Ik heb niets met carnaval. Blijkbaar ben ik toch volkomen verwesterd.
Vroeger, opgroeiend in het diepste zuiden van ons land, was dat heel anders. Als carnaval eraan kwam,was ik zo blij, zo opgewonden, zo vol van gespannen verwachting.
Op de katholieke meisjesschool waar mijn zusjes en ik zaten, was het de enige keer in het jaar dat het allemaal wat losser was. Dat we niet stijf gerangschikt achter elkaar in bankjes zaten.
Met carnaval leerden we carnavalsliedjes en kwamen we verkleed naar school. Behalve de nonnen dan, maar die waren natuurlijk altijd al verkleed.
En na carnaval moesten we met de slechtste kleurpotloden die er bestonden, waar geen kleur vanaf kwam, bedoel ik, op een piepklein papiertje tekenen hoe het was geweest, dat grote feest. Voor mij een onmogelijke opgave!
Nee, creatieve vorming had op die school nog niet zoveel te betekenen. Gelukkig zorgde mijn vader ervoor dat hij alle verpakkingsmateriaal waarop geschilderd kon worden van zijn werk mee naar huis nam. Met die creatieve vorming kwam het dus toch nog goed.
Bedankt Pap!

 

art about Holland · artjournal · artwork on paper · MY ART · stories & memories

sweet memory

Vroeger woonden wij in Limburg, het diepe zuiden.  Het katholieke zuiden. Pa reed met veel plezier rond door zijn geliefde vaderland. In een Renaultje 4 met ons allemaal erbij.
Dat zag er ongeveer uit zoals op het plaatje hierboven. Voorin Pa (altijd met hoed) met Ma en wij kinderen opgepropt op de achterbank en op het door Pa zelf in elkaar geknutselde bankje in de achterbak.
 
In Limburg wemelt het van de kleine kapelletjes. Gewoon
langs de weg, op een kruispunt vaak onder een oeroude boom. Ik zag ze als spannende speelhuisjes en wilde overal  naar binnen. Maar we konden er nooit in. Ik kon wel naar binnen kijken, want vaak zat er een hek op de plaats van de deur.
 
Wat was er dan zoal te zien? Een altaartje met een heiligenbeeld. Meestal Maria, gekleed in een prachtig blauw gewaad, de handen devoot gevouwen, de ogen gesloten. Op het altaar of ernaast vazen met verdroogde boeketten. Wat houten stoelen en verder veel stof en naar binnen gewaaide takjes en bladeren. Soms brandde er een kaarsje. Dat èn de stoelen gaf
mij de overtuiging dat het hek toch wel eens open ging, maar ik heb het nooit meegemaakt.
 
Vandaag ontstond er in dit boek zomaar opeens een kapelletje, een bloemenkapel.  Een Maria die hier guitig naar buiten kijkt en naar mij knipoogt.  Niet al te devoot dus. Het hek staat wagenwijd open.  Wil zij me uitnodigen om binnen te
komen of wil zij eigenlijk juist naar buiten, even lekker rondrennen door het weiland? Wie zal het zeggen? Maar hoe dan ook, Maria, bedankt voor die mooie herinnering aan lang geleden.